Mijn wandelvakantie in Oostenrijk. Deel 1.

Mijn beste vakantie ooit. Ik meen het. Ik moet toegeven dat ik nogal een luxebeestje ben en houd van all inclusive resorts in neem nu Turkije maar damn, wat is Oostenrijk een prachtig land! Mijn lief en ik hebben al was afgereisd zijn we samen zijn: Amsterdam, Parijs, Stockholm, Berlijn, Benidorm, Turkije, Oostenrijk. En binnenkort gaan we naar Praag. We houden beiden van de toerist uithangen in een ander land maar hebben beiden nogal een andere kijk op een deugddoende vakantie. Omdat we al twee keer een zonvakantie beleefden, de ene keer onder aan de Turkse Riviera en de andere keer onder de Spaanse zon, stemde ik toe in een iets actievere vakantie.

We zouden gaan voor Oostenrijk en dat ongeveer midden september. Mijn lief heeft zowat zijn hele leven bij de scouts gezeten dus houdt wel van een potje avontuur. De groene natuur intrekken met enkel een rugzak en een tent, dat zou echt nog iets voor hem zijn. Maar aangezien ik The Blair Witch Project gezien heb, durf ik dat niet meer! I’m serious.
Dus, Oostenrijk. Biberwier om iets specifieker te zijn. Het deed me altijd aan Bieber denken. Ja, Justin Bieber. Het zou er een tof dorpje zijn met tal van mogelijke wandel- en fietsroutes. We waren niet meteen van plan om te fietsen, but you never know. Het hotel, My Tirol, is prachtig gelegen. Hoog op een berg en al van ver te spotten met zijn glazen bekleding. Het chiqueste hotel van Tirol, gok ik. Het past dan ook totaal niet in het plaatje van de typische Oostenrijkse stijl, maar dat gaf ons niet. Ik zou mee op wandelvakantie gaan op één voorwaarde: ik wil een deftig hotel mét wellness. Tja. Als ik elke dag zoveel kilometer door de bergen strompel, heb ik graag ’s avonds een beetje verwennerij. Ik weet het. Verwend.
De perfecte combinatie, vind ik. Lekker eten ’s morgens en ’s avonds, alle comfort, wellness, een mooi, wat zeg ik, prachtig uitzicht en dat allemaal voor niet zo heel veel geld. We boekten met Travelbird en betaalden zo’n €329 per persoon voor een half pension, inclusief wellness en zwembad, fitness, speelruimte, parking, internet en administratiekosten bij Travelbird. Heel tevreden trouwens van Travelbird! Ik stond er eerst was sceptisch tegenover maar hé, het is echt wel te vertrouwen en alles was dik in orde. Ok, het was buiten het seizoen (vandaar ook de zalige niet-drukte in het hotel!) maar dit is toch echt niet veel geld. En dan met de bedrijfswagen ernaartoe rijden kost ook al amper iets. We gaven enkel nog geld uit aan onze lunch ’s middags en activiteiten ter plaatse. Weet je wat? Ik zal jullie dag per dag uitleggen hoe alles verliep en wat we allemaal uitspookten.


Zondag 18 september
kwamen we aan in ons hotel in Tirol, iets na de middag. We hadden er een goede rit opzitten, maar naarmate we Oostenrijk naderden, werd het alsmaar drukker door alle wegenwerken in zowel Duitsland als Oostenrijk zelf. Bij aankomst waren we natuurlijk bekaf en wilden we graag op het gemak het hotel en de buurt verkennen.
Ik had mijn voucher niet afgedrukt omdat ik ervan overtuigd was dat dat niet nodig zou zijn. “Wie print nu nog iets af om zich in te checken op hotel?” dacht ik nog. Ik liet de voucher op mijn smartphone zien maar het moest toch uitgeprint worden. Gelukkig, uiteraard, hadden ze daar een printer en was het geen probleem. Geert en ik kregen een kamer op de tweede verdieping. De kamers zagen er op het eerste zicht heel speciaal uit. Je kon de mensen in hun kamer zien staan! De glazen waren half doorzichtig en kon zien wat er zich aan de andere kant van de glazen deur afspeelde. Gelukkig gold dat enkel voor de hall, de voorkamer waar je je ski’s in de winter kon opbergen of gewoon je valies kon achterlaten. Dan was er nog een deur die ons naar de kamer leidde. Alles was open, behalve het toilet, dat was apart. Een groot houten bed met nog een stapelbed voorzien voor de kinderen (fyi: wij hebben geen kinderen). Wat een uitzicht! En nee, niet de parking. Die berg erachter, waar de zon opkwam ’s morgens. Geweldig! Het hotel is gelegen tussen de bergen dus aan elke kant van het hotel zie je de mooie stenen heuvels.
Er was heel veel opbergplaats dus ik begon meteen uit te pakken en alles een plaatsje te geven. Ik kon ook al meteen mijn plaats in bed aanduiden door er gewoon mijn gerief op te leggen. Dat is een vreemd kantje van mij: als ik aan een kant in bed lig waar ik me niet goed bij voel, no way dat ik dan zal kunnen slapen. Ik moet altijd de kant in bed hebben het dichtst bij de muur. Zeker niet naast en open ruimte of vlakbij de deur. Idem met op restaurant gaan: zet me niet met m’n gezicht op de muur. Ik wil kunnen zien wat er achter mij (voor mij) gebeurt. Ik heb graag overzicht.
Ik ben weer aan het afwijken. Het was er zo rustig in dat hotel dat ik bijna dacht dat we alleen waren. ’s Avonds was er ook geen overlast of lawaai van kinderen of zo. Ik heb nooit wakker gelegen of ik ben nooit gewekt geweest door lawaaierige buren. Toppie.
’s Avonds namen we al voor de eerste keer plaats aan tafel en lieten we ons bedienen met een halve liter bier voor meneer een een lekker Oostenrijks wit wijntje voor mevrouw. Vanaf die avond dronk ik elke avond mijn wit wijntje bij het eten. Dit was niet inclusief dus dat was apart bijbetalen telkens.
We besloten maandag direct te gaan wandelen maar zagen op het weerbericht dat het de hele dag zou regenen. Dat zag ik trouwens al twee weken voordat we vertrokken. Shit. Een week lang regen?! Dat meen je niet. Ik ben zelfs nog naar de A.S. Adventure gehold om een kwaliteitsvolle regenjas te kopen. Want ja, als het écht een hele week regent, gaan we ook niet een hele week in onze kamer zitten. Dan gaan we effectief wandelen, door de regen dus. Dan moest ik wel een deftige “waterdichte” frak hebben. Het werd er eentje van The North Face en ik was €100 lichter. Mijn lief verzekerde mij ervan dat ik kwaliteit had gekocht. Olé.
We gingen laat lunchen in Bergland, een knus cafeetje/brasserietje op een kilometer wandelen van het hotel. Geert koos er voor de speckknödelsuppe. Een soep op basis van bouillon met een grote pasta-aardappel-zetmeel-whatever-bol met spekjes in. Man, dat was zo lekker. Onvoorstelbaar. Dit soort soepen vind je dus overal in Oostenrijk en is zeg maar een specialiteit. Super om er ’s middags je maag mee te vullen. Ik koos voor de gulaschsuppe, waar ik natuurlijk bij, nader inzien, grondig spijt van had.

 

Maandag 18 september. Heerlijk geslapen, denk ik. Het is al even geleden en ik moet al nadenken of het daadwerkelijk zo was. Ik nam mijn laptop mee omdat ik ervan overtuigd was ’s avonds nog wat blogposts te schrijven maar nee, hoor. In plaats daarvan geraakten we verknocht aan Orange Is the New Black. Want ik kon seizoen 6 van Pretty Little Liars niet kijken in het buitenland, blijkbaar. Anyway, had kan niet anders dan dat ik goed geslapen heb die nacht. Regen, regen en nog eens regen bij het opstaan. De wekker stond altijd tussen acht en negen zodat we onze voormiddag niet verspilden met slapen.

Omwille van de regenachtige dag besloten we er een gezellig binnendagje van te maken. Zwemmen, fitnessen zonder deftige fitnessoutfit, wellnessen, een boek lezen,…
“Ach, we zijn hier nu. Laten we de buurt nog wat gaan verkennen!” En zo stuitten we op het plaatselijk supermarktje waar we brood, droge worst en kaas aten en op ons effen kwamen van de eindeloze regenbuien.
Wonder boven wonder klaarde het een beetje op en besloten we toch een wandeltocht te gaan maken. Het druppelde nog wat na maar eerlijk gezegd had ik daar geen erg in. Geert en ik deden onmiddellijk een fikse wandeltocht van wel 15 kilometer. Het zal iets korter geweest zijn aangezien we eerst door het dorpje gedoold hebben maar geloof me, ik was kapot op het einde van de dag.
We trotseerden de Schachtkopf met zijn 1600m hoogte. Zo’n twee uur naar boven geklommen en dan uiteraard twee uur terug. Maandag was blijkbaar de sluitingsdag van de meeste faciliteiten in de buurt dus konden we én niet genieten van onze suppe in de Bergland én konden we ook niet met de skilift naar beneden. Mijn enkels en knieën hebben het geweten. Ik kon op den duur niet meer recht naar beneden wandelen. Mijn knieën waren verbrijzeld en ik wilde ze écht niet forceren. Dan maar zigzaggend naar beneden, op plekken dat het kon, natuurlijk. Meestal waren het ultradunne paadjes of lag het wandelpad vol met wortels en stenen. Door de regen was het risico op vallen natuurlijk groter maar we zijn er heelhuids afgekomen. Deze dag, maandag 18 september, heb ik voor het eerst in lange tijd nog eens in de natuur gepist. Want ja, wandelaars doen dat nu eenmaal. Er staan geen of amper vuilbakken op de wandelroute, laat staan een toilet.
Na een aantal plasbeurten vond ik het helemaal niet meer zo eng (want ja, iedereen kan je zien en zo) en vond ik het aangenamer mijn behoefte te doen in de bosjes dan op een toilet van één of ander tankstation.
Schachtkopf, een fameuze heuvel als je het mij vraagt. Ik ontdekte toen al de prachtige natuur van Oostenrijk. Hooguitreikende bomen, de stilte, de uitzichten, de hoopjes stenen die vorige wandelaars hadden verzameld,… Tegen zo goed als al mijn verwachtingen in, begon ik het leuk te vinden. Ik was trots op mezelf dat ik op dag één zo’n tocht had gedaan. We vlogen er meteen in. Ik ga mijn blogberichten over Oostenrijk niet afsluiten met “Ik heb heerlijk geslapen” of dergelijke want ik sliep élke nacht als een baby’tje. Een mens is zoveel bewegen niet meer gewoon.


Omwille van de lange gedetailleerde verhalen, zal ik mijn blogposts wat opsplitsen. Het mag niet te saai gaan worden dus dan publiceer ik ze maar in enkele delen.
Benieuwd wat we de rest van de week gingen doen? Lees binnenkort onze Oostenrijkse avonturen hier op mijn blog! 
Ik heb hier iets gedaan dat ik nog nooit eerder had gedaan! Stay tuned!

 

wandelen7

6 Comments

  1. luzieke says:

    Ja profiziat!
    Normaal gezien doe je zulke wandelingen niet zonder ervaring.Ben benieuwd wat nog komt.Droge worst?Zeker geen vergelijk met de belgische.Knödel?IIIIIIIIIhhh, dan hadt je de Dampknödel moeten proberen, geweldig zoet baksel gevuld met pruimenmoes.Was de goulasch niet lecker?

    zwaaikes….uit duitsland.

    Liked by 1 persoon

    • hannewhale says:

      Haha, dank je wel 🙂
      Belgische knödel? Dampknödel ken ik niet, al houd ik wel van zoet 🙂 Goulashsoep was lekker maar niet zo lekker als de speckknödelsuppe 😉

      Like

  2. Ahhh ik wil ZO graag eens terug naar Oostenrijk gaan. Nu dat ik besloten heb om wat meer van Europa in de toekomst te ontdekken, staat Oostenrijk zeker opnieuw op’t lijstje! Ben er enkel een keer geweest, zo’n 9 jaar geleden (damn ik word oud), om te gaan skiën met het school.. leuke foto’s! Inspireert me zeker

    Liked by 1 persoon

  3. Oh! En heb je geen hippe Wandernadels verzameld? 😀 Dat deden we vroeger altijd! In elke alm of berghut kreeg je een stempel waarmee je een kaart kon vullen. Met een volle kaart kreeg je zo’n hippe Oostenrijkse batch om op je hoed te steken. We gingen dan naar het mooie Lechtal waar we naar de Rappenseehütte, het Kaiserjochhaus en de Herman-von-Barth hütte wandelden. De zon was altijd van de partij, net als de bruine koeien en de Almdudler. Tschüss!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: